28 juli 2026: gepubliceerd en voor het laatst bijgewerkt.
Deze pagina wordt periodiek herzien wanneer Microsoft de AZ-104-exameninformatie, gemeten vaardigheden of certificeringsvoorwaarden aanpast. Controleer vlak voor registratie altijd de officiële Microsoft Learn-examenpagina en Pearson VUE, omdat examenindeling, prijs, beschikbaarheid en herkansingsvoorwaarden kunnen wijzigen.
- Beheerst u de basis van Azure-identiteit, RBAC, opslag, virtuele netwerken, compute en monitoring?
- Heeft u voldoende tijd ingepland voor hands-on labs in plaats van alleen theorie en video’s?
- Beschikt u over een testomgeving of sandbox waarin u veilig resources kunt aanmaken, wijzigen en verwijderen?
- Heeft u budget gereserveerd voor het examen, eventuele oefentoetsen en een mogelijke herkansing?
- Weet u hoe u zich registreert via Pearson VUE en waar u de actuele Microsoft-retakevoorwaarden controleert?
AZ-104 is het examen voor de Microsoft Certified: Azure Administrator Associate-certificering. Het examen toetst of een kandidaat Azure-omgevingen kan implementeren, beheren en bewaken, met aandacht voor identiteit, governance, opslag, compute, virtuele netwerken en operationeel beheer.
Voor veel kandidaten in Nederland en Vlaanderen is AZ-104 het moment waarop algemene cloudkennis verandert in aantoonbare beheerbekwaamheid. Het examen vraagt om meer dan herkenning van Azure Portal-schermen. Scenario’s gaan vaak over keuzes: welke roltoewijzing is passend, waarom bereikt een VM een service niet, welke opslagconfiguratie past bij herstelvereisten, of hoe wordt een omgeving controleerbaar gemaakt zonder te veel rechten uit te delen.
Wat AZ-104 precies valideert
De Microsoft Certified: Azure Administrator Associate-certificering vereist één examen: AZ-104. Microsoft positioneert de rol rond het dagelijkse beheer van Azure-resources, waaronder identities en governance, storage, compute, virtuele netwerken, monitoring en onderhoud. Die domeinen sluiten aan op werkzaamheden die in veel cloudteams terugkomen: gebruikers- en toegangsbeheer, resourcegroepen structureren, netwerkverkeer beveiligen, workloads beschikbaar houden en problemen zichtbaar maken met logging en waarschuwingen.
AZ-104 is een Associate-examen. Het is daardoor praktischer en dieper dan een fundamentals-examen, maar het is geen architectuur- of DevOps-examen. Kandidaten moeten niet alleen weten wat een Azure-resource is, maar ook kunnen redeneren over afhankelijkheden. Een wijziging in een network security group kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor connectiviteit, terwijl een fout geplaatste role assignment op management group-, subscription- of resource group-niveau tot te ruime of juist onvoldoende rechten leidt.
Een belangrijke terminologische verandering is dat veel oudere bronnen nog spreken over Azure Active Directory of Azure AD, terwijl Microsoft in actuele domeinen steeds vaker Microsoft Entra ID gebruikt. Kandidaten doen er goed aan beide termen te herkennen. In examenvragen, documentatie, bestaande beheeromgevingen en gesprekken met collega’s kunnen de namen naast elkaar voorkomen, terwijl de kernconcepten rond identiteit, groepen, rollen en toegangsbeheer verwant blijven.
De oorspronkelijke Microsoft Docs-omgeving is te vinden via Microsoft Docs, en sommige oudere leerpaden verwijzen nog naar bijvoorbeeld het AZ-104 prerequisite learning path. Gebruik deze verwijzingen voorzichtig: Microsoft Learn is inmiddels het primaire platform voor actuele examenpagina’s, skills outlines en leerinhoud. Controleer daarom altijd de Nederlandstalige Microsoft Learn-pagina voor AZ-104 voordat u een examen boekt.
Voor wie AZ-104 geschikt is
AZ-104 past het best bij kandidaten die al met Azure hebben gewerkt en willen aantonen dat zij beheerwerkzaamheden zelfstandig kunnen uitvoeren. De beoogde kandidaat heeft doorgaans ervaring met cloudconcepten, virtualisatie, netwerken, identity en operationeel beheer. Ook voor systeembeheerders die vanuit on-premises omgevingen naar Azure verschuiven, is het examen logisch, mits zij voldoende praktijkervaring opbouwen met Azure-specifieke diensten.
Er is geen formele verplichting om eerst AZ-900 te behalen. De keuze is vooral praktisch. Wie nog moeite heeft met begrippen als subscriptions, resource groups, availability zones, shared responsibility en consumption-based billing, kan beter eerst de basis verstevigen met Azure Fundamentals. Wie al zes tot twaalf maanden hands-on met Azure werkt en comfortabel is met cloudterminologie, kan meestal direct naar AZ-104 toewerken.
Teamleads kunnen dezelfde afweging gebruiken bij het begeleiden van medewerkers. Een kandidaat die vooral tickets afhandelt volgens vaste instructies heeft een ander voorbereidingstraject nodig dan iemand die al changes plant, foutanalyses uitvoert en Azure-resources via scripts beheert. Het verschil zit minder in functietitel en meer in de mate waarin iemand begrijpt waarom een configuratie werkt.
Examenopzet, registratie en herkansing
Microsoft kan de exacte duur, het aantal vragen, vraagtypes en laboratoriumcomponenten aanpassen. De officiële examenpagina vermeldt de actuele details, inclusief gemeten vaardigheden, ondersteunde talen, prijsinformatie per regio en registratieopties. In de praktijk kunnen kandidaten vraagvormen tegenkomen zoals meerkeuzevragen, scenario’s, casussets, rangschikkingsvragen en taken die praktische configuratiekennis toetsen.
Registratie verloopt via de Microsoft-examenpagina en Pearson VUE. Kandidaten kiezen daar doorgaans tussen een testcentrum en online proctoring, afhankelijk van beschikbaarheid en persoonlijke voorkeur. Online proctoring vereist een geschikte werkplek, identiteitscontrole, systeemcheck en stabiele verbinding. Een testcentrum neemt een deel van die technische voorbereiding weg, maar vraagt om reistijd en beschikbare examenmomenten.
De examenkosten worden in de officiële boekingsflow getoond en kunnen per land, belastingregime en valutaweergave verschillen. Daarom is een vast bedrag in een studiegids snel verouderd. Hetzelfde geldt voor de retake policy: Microsoft hanteert voorwaarden rond wachttijd, aantal pogingen en betaling, maar kandidaten moeten de actuele regels controleren voordat zij een planning maken waarin een herkansing is meegenomen.
Een onderschat punt is tijdsdruk. Casussets en performance-achtige taken vragen meer leestijd dan korte kennisvragen. Een praktische strategie is om eerst de vraagstelling te begrijpen, irrelevante details te negeren en vragen te markeren wanneer twijfel te veel tijd kost. Braindumps helpen daar niet bij en brengen bovendien integriteits- en actualiteitsrisico’s mee. Betere voorbereiding bestaat uit labs, officiële skills outlines, oefenvragen van betrouwbare aanbieders en reflectie op fout beantwoorde scenario’s.
Een praktijkgericht studieplan van vier tot zes weken
Een realistisch AZ-104-plan combineert theorie, labs en toetsing. Vier tot zes weken is voor veel kandidaten haalbaar wanneer zij al Azure-ervaring hebben, maar de benodigde tijd hangt af van voorkennis en beschikbare studie-uren. Kandidaten zonder recente hands-on ervaring hebben meestal meer tijd nodig, vooral voor netwerken, governance en automatisering.
In de eerste fase hoort de kandidaat de officiële skills outline door te nemen en per domein eerlijk te beoordelen wat al routine is. Daarna volgt een labfase waarin resources bewust worden aangemaakt, gewijzigd, gecontroleerd en verwijderd. Denk aan het opzetten van een virtueel netwerk met subnetten en NSG’s, het configureren van Azure Storage met toegangsinstellingen, het uitrollen van virtuele machines, het toewijzen van RBAC-rollen en het instellen van alerts.
In de tweede fase verschuift de aandacht naar scenario’s. Een beheerder moet bijvoorbeeld kunnen verklaren waarom een gebruiker met een bepaalde rol een resource wel kan zien maar niet wijzigen, of waarom naamresolutie tussen een on-premises omgeving en Azure niet werkt zoals verwacht. Juist deze scenario’s maken duidelijk of iemand alleen stappen heeft gevolgd of ook de onderliggende werking begrijpt.
In de laatste fase is het verstandig om oefentoetsen te gebruiken als diagnostisch instrument, niet als geheugenlijst. Noteer per fout antwoord welk concept ontbrak: RBAC-scope, storage redundancy, private endpoint DNS, route table, backup policy of monitor alert logic. Vervolgens hoort de kandidaat terug te gaan naar een labomgeving om dat concept opnieuw toe te passen.
Een begeleide optie kan zinvol zijn wanneer de studie naast werk moeilijk te structureren is of wanneer labs, uitleg en feedback in één traject nodig zijn. De Microsoft Certified Azure Administrator (AZ-104)-training van Readynez is in die context vooral relevant voor kandidaten die de voorbereiding willen concentreren rond officiële examendomeinen en praktische oefeningen.
De valkuilen die vaak het verschil maken
Een veelvoorkomende fout is te veel vertrouwen op de Azure Portal. De Portal is nuttig om concepten visueel te begrijpen, maar beheerteams gebruiken ook Azure CLI, PowerShell, templates en herhaalbare processen. Het examen kan automatisering en idempotente beheerflows raken, waardoor kandidaten moeten begrijpen welke configuratie wordt toegepast en wat het resultaat is, ook wanneer die configuratie niet via een grafisch scherm wordt uitgevoerd.
Netwerken vormen een tweede struikelblok. VNet-peering, NSG-regels, user-defined routes, service endpoints, private endpoints en DNS-resolutie kunnen elkaar beïnvloeden. Vooral hybride scenario’s vragen om precies denken: waar vindt naamresolutie plaats, welke route wordt gekozen, welke regel blokkeert verkeer, en is toegang tot een PaaS-dienst publiek of privé ingericht?
Governance levert eveneens verwarring op. Role-based access control, of RBAC, bepaalt wat een identity mag doen binnen een bepaalde scope. Privileged Identity Management, vaak PIM genoemd, kan tijdelijke of goedkeuringsgebonden toegang afdwingen. In scenario’s kan een kandidaat daardoor onderscheid moeten maken tussen een ontbrekende rol, een verkeerde scope, een verlopen activatie of een policy die een deployment verhindert.
Tot slot onderschatten kandidaten soms monitoring. Azure Monitor, Log Analytics, activity logs en alerts zijn geen losse nazorgonderwerpen. Ze bepalen of een beheerder incidenten kan herkennen, trends kan onderzoeken en wijzigingen kan herleiden. In dagelijkse beheerpraktijk is zichtbaarheid vaak het verschil tussen snel oplossen en langdurig zoeken.
Hoe AZ-104-kennis terugkomt in dagelijks beheer
De waarde van AZ-104 wordt duidelijk wanneer de examendomeinen worden vertaald naar gewone beheertaken. Identiteit en governance verschijnen bij het onboarden van teams, het beperken van administratorrechten en het controleren van compliance. Storage komt terug bij gegevensbescherming, lifecycle management, toegangsmodellen en herstelopties. Compute speelt een rol bij VM-beheer, schaalbaarheid, availability en patching.
Virtuele netwerken zijn ondertussen de basis voor vrijwel elke serieuze Azure-omgeving. Een beheerder moet kunnen beoordelen of subnetten logisch zijn gescheiden, of NSG’s het juiste verkeer toestaan, of route tables gewenst gedrag afdwingen en of private connectivity correct is gekoppeld aan DNS. Monitoring en onderhoud sluiten de cirkel: zonder logging, metrics en alerts ontbreekt bewijs dat de omgeving gezond is.
Die praktische toepassing maakt het studeren efficiënter. Kandidaten die elk examendomein koppelen aan een herkenbare beheertaak onthouden niet alleen definities, maar bouwen beslisvermogen op. Dat is precies het soort kennis dat nodig is wanneer een productieomgeving onverwacht gedrag vertoont.
Welke certificeringsroute past daarna
Na AZ-104 kunnen kandidaten verschillende richtingen kiezen. Wie zich meer richt op applicatieontwikkeling in Azure kan door naar Azure Developer-vaardigheden en de Azure Developer-route. Wie zich bezighoudt met CI/CD, platformautomatisering en samenwerking tussen development en operations kan kijken naar de Azure DevOps Engineer-route.
Voor een breder overzicht van Microsoft-rolgebaseerde certificeringen kan een visuele routekaart helpen om vervolgkeuzes te plaatsen. De Microsoft-certificeringsposter laat zien hoe fundamentals-, associate- en expertpaden zich tot elkaar verhouden. Zo wordt duidelijker of een volgende stap vooral beheer, development, security, data of architectuur moet versterken.
Veelgestelde vragen over AZ-104
Moet u AZ-900 behalen voordat u AZ-104 doet?
Nee, AZ-900 is geen formele vereiste voor AZ-104. AZ-900 is nuttig wanneer cloudconcepten nog nieuw zijn, maar kandidaten met voldoende praktijkervaring in Azure kunnen direct voor AZ-104 studeren.
Is praktijkervaring echt nodig?
Ja. AZ-104 toetst scenario’s die moeilijk te beantwoorden zijn met alleen theorie. Kandidaten moeten resources kunnen configureren, problemen kunnen analyseren en begrijpen hoe identity, netwerk, storage, compute en monitoring elkaar beïnvloeden.
Waar vindt u de actuele examendetails?
De officiële Microsoft Learn-examenpagina voor AZ-104 is de primaire bron voor actuele informatie over vaardigheden, registratie, talen, prijsweergave en examenbeleid. Controleer die pagina opnieuw kort voor het boeken van het examen.
Zijn braindumps een goede voorbereiding?
Nee. Braindumps zijn onbetrouwbaar, kunnen verouderd zijn en brengen integriteitsrisico’s mee. Een betere voorbereiding bestaat uit officiële leerdoelen, labs, oefentoetsen met uitleg en herhaling van zwakke domeinen.
Van certificaat naar beheervaardigheid
Slagen voor AZ-104 vraagt om een combinatie van kennis, oefening en examenstrategie. De sterkste voorbereiding begint bij de officiële examendomeinen, vertaalt elk domein naar praktische beheerhandelingen en gebruikt oefentoetsen om zwakke plekken zichtbaar te maken. Wie daarbij ook aandacht besteedt aan Entra ID-terminologie, RBAC-scopes, netwerkafhankelijkheden en automatisering, bouwt kennis op die na het examen bruikbaar blijft.
Een praktische vervolgstap is om de eigen Azure-omgeving of sandbox langs de examendomeinen te leggen en per onderwerp één concreet lab uit te voeren. Wie daarbij begeleiding wil, kan de AZ-104-training van Readynez gebruiken als gestructureerde route met labs en examenfocus, maar de kern blijft hetzelfde: leer de beheerkeuzes begrijpen voordat u ze op het examen moet herkennen.