Azure administrator in 2026: voorbereiden op AZ-104 met exameneisen, studieplan en praktijkkoppeling

Group classes

Een azure-administrator-examen" data-autoinject="link_injection">Azure-beheerder is de specialist die een storing onderzoekt in een hub-spoke netwerk, terwijl tegelijk een auditor vraagt waarom een opslagaccount publiek bereikbaar is en een ontwikkelteam extra rechten nodig heeft op een resourcegroep.

Dat is precies het soort context waarin AZ-104 relevant wordt: het examen toetst of een beheerder Azure-resources betrouwbaar kan beheren, beveiligen, monitoren en aanpassen zonder de omgeving onnodig complex te maken. De certificering Microsoft Azure Administrator Associate is daardoor vooral waardevol voor professionals die dagelijks werken met identiteiten, governance, opslag, compute, netwerken en monitoring.

Laatst bijgewerkt: januari 2026. Examendetails kunnen wijzigen. Kandidaten moeten daarom altijd de officiële Microsoft Learn-examengids voor AZ-104 controleren voordat zij een examendatum boeken, vooral voor actuele vraagtypes, tijdsduur, taalopties, prijsinformatie, beleid rond herkansingen en eventuele wijzigingen in gemeten vaardigheden.

Wat AZ-104 werkelijk meet

AZ-104 is geen woordenlijstexamen over Azure-diensten. Het draait om beheerbeslissingen: welke scope krijgt een roltoewijzing, hoe wordt een virtueel netwerk veilig gekoppeld, welke opslagfunctie past bij een gegevensscenario, en hoe wordt een probleem teruggevonden in logs of metrische gegevens. Volgens de Microsoft Learn-examengids vallen de vaardigheden grofweg in vijf domeinen: identiteiten en governance beheren, opslag beheren, compute-resources implementeren en beheren, virtuele netwerken beheren, en Azure-resources monitoren en onderhouden.

Die indeling sluit aan op het werk van een Azure-beheerder. Een taak als het beperken van toegang tot productie hoort niet alleen bij identiteit, maar ook bij governance, auditbaarheid en operationele procedures. Een netwerkvraag gaat zelden uitsluitend over een subnet; vaak spelen Network Security Groups, route tables, Private DNS, Azure Firewall, VPN Gateway of ExpressRoute tegelijk een rol. Wie de domeinen als losse hoofdstukken studeert, mist daardoor het patroon achter veel examenvragen.

Een nuttige manier om de exameneisen te lezen is door dagelijkse beheertaken eraan te koppelen. Het aanmaken van gebruikers- en groepsrechten hoort bij Microsoft Entra ID, RBAC en eventueel Privileged Identity Management. Het beheren van opslagaccounts vraagt kennis van Blob Storage, access tiers, lifecycle management, Azure Files en private endpoints. Compute-vragen gaan over virtuele machines, availability sets, VM scale sets, containers, App Service en soms AKS op beheerniveau. Netwerkvragen bestrijken virtual networks, peering, Azure DNS, Private DNS, NSG’s, Azure Firewall, Azure Bastion, Load Balancer, Application Gateway, Traffic Manager en Azure Front Door. Monitoringvragen komen terug in Azure Monitor, Log Analytics, alerts, Activity Log, Network Watcher en resource health.

Terminologie is hierbij belangrijk. Azure Front Door is de juiste productnaam; een letterlijke vertaling leidt snel tot verwarring. ExpressRoute wordt als één productnaam geschreven. Object replication hoort bij Blob Storage, niet bij Azure Files. Zulke details lijken klein, maar ze helpen om antwoordopties te herkennen die bewust net verkeerd geformuleerd zijn.

Examenvorm, registratie en examendag

Microsoft-examens kunnen meerdere vraagvormen bevatten, zoals meerkeuzevragen, scenario’s, drag-and-drop-achtige items, rangschikvragen en casussen. De exacte samenstelling kan veranderen. Daarom is het verstandiger om te trainen op scenarioherkenning dan te vertrouwen op een vaste vorm. Kandidaten moeten er ook rekening mee houden dat sommige casussen veel tekst bevatten, terwijl de feitelijke vraag draait om één beperking, zoals minimaal privilege, meerdere subscriptions of hybride connectiviteit.

Registratie verloopt doorgaans via de Microsoft-certificeringspagina en Pearson VUE. Kandidaten kiezen daar een examenlocatie of online proctoring wanneer die optie beschikbaar is, waarna de prijs in euro’s voor Nederland tijdens het boekingsproces wordt getoond. Omdat prijzen, belastingregels, beschikbaarheid en retakevoorwaarden kunnen wijzigen, hoort de boekingspagina de bron van waarheid te zijn. Wie toegankelijkheidsvoorzieningen nodig heeft, moet die ruim vóór het boeken of afleggen van het examen aanvragen via het officiële proces van Microsoft en Pearson VUE.

Op examendag is vooral rust en voorspelbaarheid belangrijk. Bij een testcentrum hoort een geldig identiteitsbewijs mee te gaan dat overeenkomt met de registratiegegevens. Bij online proctoring gelden extra eisen rond ruimtecontrole, camera, microfoon, internetverbinding en toegestane materialen. Het is verstandig om de systeemtest niet vlak voor het examen voor het eerst te doen, omdat technische problemen dan onnodig tijd en concentratie kosten.

Tijdens het examen werkt een praktisch tijdsmanagement beter dan proberen elke casus meteen volledig te doorgronden. Kandidaten kunnen eerst vragen beantwoorden waarin het juiste Azure-concept duidelijk is, twijfelgevallen markeren en lange scenario’s later opnieuw lezen. Bij casussen helpt het om eerst de vraag en de constraints te lezen voordat de volledige achtergrondtekst wordt uitgeplozen. Zo wordt voorkomen dat iemand vastloopt in details die niet relevant zijn voor het antwoord.

De vijf domeinen koppelen aan beheerwerk

Het domein identiteit en governance gaat in de praktijk over controle. Een beheerder moet weten wanneer een Azure role assignment op management group-, subscription-, resource group- of resourceniveau thuishoort. Een veelgemaakte fout is een rol te hoog in de hiërarchie toekennen omdat het sneller werkt. In een examenvraag wijzen woorden als “least privilege”, “tijdelijk beheer” of “auditable access” juist richting smallere RBAC-scopes, Privileged Identity Management en duidelijke scheiding tussen beheerrollen.

Opslagvragen zijn vaak minder theoretisch dan ze lijken. Een scenario over kostenreductie voor oudere objecten in een storage account wijst meestal naar Blob access tiers en lifecycle management. Een scenario over gedeelde bestandstoegang voor Windows-workloads kan juist Azure Files betreffen. Object replication is alleen logisch bij Blob Storage. Het verschil tussen Blob Storage en Azure Files is daarom geen detail, maar een beslispunt.

Compute-vragen vragen om inzicht in beschikbaarheid, schaalbaarheid en beheerbaarheid. Een enkele virtuele machine heeft andere operationele risico’s dan een set VM’s achter een load balancer of een VM scale set. App Service past bij beheerde webhosting, terwijl containers en AKS andere beheerimplicaties hebben. AZ-104 verwacht doorgaans dat kandidaten weten welke beheeractie nodig is, niet dat zij een volledig applicatieplatform ontwerpen.

Netwerken is voor veel kandidaten het zwaarste onderdeel omdat meerdere diensten elkaar overlappen. Een NSG filtert verkeer op subnet- of netwerkinterfaceniveau. Een Application Security Group helpt om regels logischer te groeperen rond workloads. Azure Firewall is bedoeld voor gecentraliseerde netwerkbeveiliging en filtering op grotere schaal. Private endpoints vereisen bovendien correcte DNS-resolutie; in hub-spoke omgevingen wordt vaak vergeten Private DNS zones aan de juiste VNets te linken. Dat veroorzaakt in productie verbindingsproblemen en op het examen verkeerde conclusies.

Monitoring en onderhoud worden soms onderschat, terwijl ze in beheerrollen dagelijks terugkomen. Activity Log laat zien wat er op control-plane-niveau is gebeurd. Log Analytics ondersteunt diepere query’s en correlatie. Azure Resource Graph is nuttig om resources over subscriptions heen te inventariseren. Tags maken rapportage, kostenanalyse en beheeracties veel praktischer. In casusvragen waarin “meerdere subscriptions”, “inventarisatie” of “compliance” voorkomt, is die combinatie vaak belangrijker dan één los dashboard.

ScenarioWaarschijnlijk relevant conceptWaarom dit ertoe doet
Minimaal privilege voor tijdelijk beheerRBAC-scope en Privileged Identity ManagementDe vraag draait meestal om beperkte, controleerbare toegang.
Beleid over meerdere subscriptionsManagement groups en Azure PolicyGovernance moet boven individuele resourcegroepen worden afgedwongen.
Hybride connectiviteit met voorspelbare private verbindingVPN Gateway of ExpressRouteDe gekozen dienst hangt af van eisen rond verbindingstype, beheer en betrouwbaarheid.
Private endpoint werkt niet vanuit een gekoppeld VNetPrivate DNS zone-linkingNaamresolutie is vaak de ontbrekende schakel, niet de endpointconfiguratie zelf.
Visuele vergelijking: veelgebruikte scenario-woorden in AZ-104 en de Azure-concepten waar zij meestal naar verwijzen.

Een studieplan van vier tot zes weken dat praktisch blijft

Een effectief studieplan voor AZ-104 combineert lezen, bouwen, breken en herstellen. Alleen Microsoft Learn-modules doorlopen is meestal onvoldoende, omdat het examen kennis toetst die in scenario’s wordt toegepast. Daar staat tegenover dat willekeurig klikken in de Azure Portal ook niet genoeg is. De beste voorbereiding ontstaat wanneer elk domein minimaal één Portal-oefening, één Azure CLI-oefening en één PowerShell-oefening bevat.

In de eerste fase ligt de nadruk op identiteit, governance en de structuur van Azure. Kandidaten moeten subscriptions, resource groups, management groups, RBAC, locks, tags en Azure Policy niet los leren, maar als één beheermodel. Een zinvolle oefening is een resourcegroep aanmaken, tags toepassen, een policy assignment testen en daarna controleren hoe die wijziging zichtbaar wordt in Activity Log.

In de tweede fase verschuift de aandacht naar opslag en compute. Hier helpt het om verschillende storage accounts te maken, Blob lifecycle management te configureren, Azure Files te vergelijken met Blob Storage en managed disks aan virtuele machines te koppelen. Compute-oefeningen moeten niet eindigen bij het starten van een VM. Belangrijker is het beheren van toegang, netwerkregels, availability-opties, updates, backup en monitoring.

De derde fase hoort zwaar op netwerken te leunen. Kandidaten moeten een virtueel netwerk met subnets bouwen, NSG-regels testen, peering configureren, een private endpoint aanmaken en Private DNS-resolutie controleren. Wie alleen de Portal gebruikt, herkent minder snel vragen waarin de antwoordopties CLI- of PowerShell-termen gebruiken. Daarom is herhaling via meerdere interfaces nuttig.

De laatste fase is bedoeld voor consolidatie. Oefenvragen worden dan niet gebruikt om antwoorden te onthouden, maar om denkfouten te vinden. Een verkeerd antwoord moet worden teruggebracht tot de oorzaak: was de dienst verkeerd gekozen, de scope verkeerd gelezen, een constraint genegeerd of een netwerkafhankelijkheid gemist? Readynez kan in deze fase nuttig zijn wanneer een kandidaat begeleiding zoekt die examendoelen koppelt aan praktische beheerhandelingen, maar de kern blijft dat de kandidaat zelf scenario’s moet kunnen ontleden.

Een eenvoudig meetpunt is of iemand een beheertaak kan uitvoeren zonder exact dezelfde stappen na te doen uit een labhandleiding. Als een kandidaat een storage account kan beveiligen met private access, DNS kan verklaren, logs kan terugvinden en de relevante RBAC-scope kan kiezen, is de kennis bruikbaarder dan wanneer alleen definities zijn geleerd.

Korte technische oefeningen die examendenken versterken

De volgende voorbeelden zijn geen volledige labs, maar ze laten zien welk soort handelingen een kandidaat moet kunnen herkennen. Ze zijn vooral nuttig om Portal-kennis te verbinden met automatisering en operationele controle.

Example — tags en Activity Log gebruiken voor inventarisatie

az group create --name rg-az104-monitoring-nl --location westeurope --tags owner=platform environment=study
az monitor activity-log list --resource-group rg-az104-monitoring-nl --max-events 5

Deze oefening maakt zichtbaar dat tags niet alleen administratieve labels zijn. Ze ondersteunen inventarisatie, governance en kostenanalyse. De Activity Log-controle helpt bovendien begrijpen waar beheeracties terug te vinden zijn wanneer een casus vraagt wie of wat een wijziging heeft veroorzaakt.

Example — RBAC op resourcegroepniveau controleren met PowerShell

Get-AzRoleAssignment -ResourceGroupName "rg-az104-monitoring-nl" |
  Select-Object DisplayName, RoleDefinitionName, Scope

Dit voorbeeld dwingt de kandidaat naar scope te kijken. In AZ-104 is het verschil tussen een rol op subscriptionniveau en een rol op resourcegroepniveau vaak doorslaggevend. Een antwoord dat technisch toegang geeft, is niet automatisch het juiste antwoord als de vraag minimaal privilege eist.

Voorbeeldvragen met uitleg

Oefenvragen zijn het nuttigst wanneer de uitleg belangrijker is dan het antwoord. AZ-104-vragen bevatten vaak woorden die richting geven aan de juiste dienst, maar ook afleiders die bekende Azure-termen gebruiken. De kunst is om constraints te herkennen en niet te snel naar een vertrouwde dienst te grijpen.

Vraag 1. Een organisatie wil beheerders tijdelijk elevated access geven tot productie-resources, met goedkeuring en auditspoor. Welke richting past het best? Het sterkste antwoord ligt bij Microsoft Entra Privileged Identity Management in combinatie met passende RBAC-rollen. Een permanente Owner-toewijzing op subscriptionniveau zou eenvoudiger zijn, maar is te breed voor minimaal privilege.

Vraag 2. Een private endpoint voor een storage account is aangemaakt, maar VM’s in een spoke VNet blijven de publieke naam resolven. Waar moet de beheerder eerst naar kijken? De meest waarschijnlijke oorzaak is DNS: de Private DNS zone moet correct gekoppeld zijn aan de VNets die de private naam moeten kunnen resolven. Alleen NSG-regels aanpassen lost naamresolutie niet op.

Vraag 3. Een bedrijf wil oudere blobgegevens automatisch naar een goedkopere tier verplaatsen. Welke functie hoort daarbij? Lifecycle management voor Blob Storage past bij dit scenario. Azure Files en object replication zijn hier afleiders; object replication is voor Blob Storage-replicatie, niet voor het automatisch tieringbeleid van Azure Files.

Veelvoorkomende valkuilen bij AZ-104

Veel fouten ontstaan doordat kandidaten Azure-diensten op naam herkennen, maar hun grenzen niet scherp genoeg kennen. NSG’s, Application Security Groups en Azure Firewall hebben allemaal met netwerkbeveiliging te maken, maar ze lossen verschillende problemen op. Wie ze als uitwisselbaar behandelt, kiest in scenario’s snel een te zwaar of juist te beperkt middel.

Een tweede valkuil is RBAC op het verkeerde niveau. In beheeromgevingen wordt toegang soms op subscriptionniveau toegekend omdat dit snel werkt, maar examenvragen gebruiken vaak formuleringen als “alleen deze resourcegroep” of “alleen deze toepassing”. Dat wijst op een smallere scope. Hetzelfde patroon geldt voor Azure Policy: beleid dat over meerdere subscriptions consistent moet zijn, hoort vaak bij management groups in plaats van losse assignments.

Netwerk-DNS is een derde bron van fouten. Private endpoints voelen voor veel kandidaten als een netwerkconfiguratie, maar zonder de juiste Private DNS-zone en VNet-links ontstaat geen betrouwbare private naamresolutie. In productie leidt dat tot verbindingen die onverwacht via publieke endpoints lijken te lopen; in examenvragen leidt het tot afleiders rond firewalls en routes.

Opslagvragen bevatten vaak subtiele productgrenzen. Lifecycle management en object replication horen bij Blob Storage. Azure Files heeft andere mogelijkheden en wordt gebruikt voor gedeelde bestandstoegang via SMB of NFS, afhankelijk van de configuratie. Door die grenzen vooraf scherp te leren, worden afleiders veel gemakkelijker te herkennen.

Na AZ-104: welk pad past bij de rol?

AZ-104 positioneert iemand als Azure Administrator Associate: een professional die bestaande Azure-omgevingen kan beheren, beveiligen, monitoren en verbeteren. Voor beheerders die sterker willen worden in ontwerpbeslissingen ligt AZ-305, Azure Solutions Architect Expert, logisch in het verlengde. Daar verschuift de nadruk van uitvoeren en beheren naar het ontwerpen van oplossingen over compute, data, identiteit, netwerk en governance.

Een ander pad is security-gericht. Wie vooral werkt met identiteit, toegangsbeheer en governance kan richting SC-300 denken. Wie incidentdetectie, monitoring en security operations wil verdiepen, komt eerder bij SC-200 uit. De keuze hangt minder af van welk examen “na” AZ-104 komt en meer van de verantwoordelijkheden in de functie: beheer, architectuur, identity of security operations.

Veelgestelde vragen over AZ-104

Is AZ-104 geschikt voor beginners? AZ-104 is beter geschikt voor kandidaten met enige praktijkervaring in Azure-beheer of algemene infrastructuurkennis. Wie net begint, kan slagen met voldoende labs, maar moet extra tijd nemen voor netwerken, identiteit en governance.

Moet een kandidaat kunnen programmeren voor AZ-104? Programmeren is niet het doel van het examen. Wel is vertrouwdheid met Azure CLI, PowerShell en basisautomatisering belangrijk, omdat beheerders vaak taken moeten uitvoeren of herkennen buiten de Portal.

Zijn er performance-based labs in het examen? De examenvorm kan wijzigen en Microsoft bepaalt de actuele vraagtypes. Kandidaten moeten daarom de officiële AZ-104-pagina controleren en zich breed voorbereiden op scenario’s, configuratiekeuzes en beheerbeslissingen in plaats van op één specifieke vraagvorm.

Hoe vaak mag het examen opnieuw worden gedaan? Retakebeleid kan veranderen en wordt door Microsoft en Pearson VUE gepubliceerd. Controleer het beleid vóór het boeken, vooral als een herkansing invloed heeft op planning, kosten of certificeringsdeadlines.

Welke bronnen zijn het belangrijkst? De officiële Microsoft Learn-examengids en Microsoft Learn-documentatie vormen de basis voor examendoelen en productgedrag. Oefenlabs, eigen Azure-sandboxomgevingen en scenario-oefenvragen zijn nodig om die kennis toepasbaar te maken.

Van examenvoorbereiding naar beheerkwaliteit

De waarde van AZ-104 zit niet alleen in het behalen van een certificering, maar in het opbouwen van beheerdiscipline. Een kandidaat die begrijpt waarom RBAC-scope, DNS, tags, logs, policy en netwerksegmentatie samenhangen, is beter voorbereid op zowel het examen als het dagelijkse werk in Azure.

De meest effectieve volgende stap is een studieplanning maken rond echte beheerhandelingen: bouw kleine omgevingen, wijzig ze bewust, controleer de gevolgen en herstel fouten. Readynez kan daarbij ondersteuning bieden voor kandidaten die gestructureerde begeleiding zoeken richting AZ-104, maar het doorslaggevende verschil blijft hands-on oefening met de keuzes die Azure-beheerders dagelijks moeten maken.

A group of people discussing the latest Microsoft Azure news

Unlimited Microsoft Training

Krijg onbeperkte toegang tot ALLE LIVE Microsoft-cursussen onder leiding van een instructeur die u wilt - allemaal voor de prijs van minder dan één cursus. 

  • 60+ LIVE cursussen onder leiding van een instructeur
  • Geld-terug-garantie
  • Toegang tot 50+ doorgewinterde instructeurs
  • 50.000+ IT-professionals opgeleid

Winkelwagen

{{item.CourseTitle}}

Prijs: {{item.ItemPriceExVatFormatted}} {{item.Currency}}