Voor professionals die Azure-infrastructuuroplossingen ontwerpen voor identiteit, governance, dataopslag, bedrijfscontinuïteit en infrastructuur, toetst AZ-305 de bijbehorende Microsoft-examenvaardigheden.
De officiële naam is Designing Microsoft Azure Infrastructure Solutions. Het examen hoort bij de Azure Solutions Architect Expert-route en vraagt een ander soort voorbereiding dan een beheerexamen: kandidaten moeten niet alleen weten welke Azure-service iets kan, maar ook kunnen uitleggen waarom een bepaalde ontwerpkeuze past bij beveiliging, betrouwbaarheid, prestaties, beheerbaarheid en kosten.
Daarom is een goede voorbereiding op AZ-305 geen verzameling losse video’s of oefenvragen. Een sterk studieplan combineert de Microsoft Learn-examengids, hands-on labs, architectuurreferenties, scenario-oefeningen en herhaalde besluitvorming op basis van requirements. Oefenvragen kunnen nuttig zijn, maar braindumps horen daar niet bij; ze schenden certificeringsregels en trainen vooral herkenning, terwijl het examen juist redeneervermogen test.
AZ-305 richt zich op ontwerpvaardigheden op expertniveau. Microsoft verdeelt het examen rond ontwerpgebieden zoals identiteit en governance, dataopslag, business continuity en infrastructuur. De exacte weging en omschrijving kunnen wijzigen, dus de Microsoft Learn examengids en het onderdeel “skills measured” moeten altijd de primaire bron zijn vlak voordat een kandidaat het examen boekt.
De inhoud bouwt voort op praktische Azure-ervaring. Er zijn geen formele vereisten, maar AZ-104 of vergelijkbare ervaring als Azure Administrator is een realistische basis. Wie nog moeite heeft met virtuele netwerken, opslagaccounts, role-based access control, private endpoints, monitoring of backupconfiguraties, zal in AZ-305 vaak struikelen omdat het examen ervan uitgaat dat die bouwstenen bekend zijn.
Een architect moet bijvoorbeeld kunnen beslissen of een workload beter past bij Azure App Service, Azure Kubernetes Service of virtuele machines. Die keuze hangt niet alleen af van technische mogelijkheden, maar ook van operationele volwassenheid, compliance-eisen, gewenste schaalbaarheid, deploymentfrequentie en kostenmodel. Werkgevers waarderen vooral kandidaten die zulke keuzes kunnen onderbouwen met meetbare doelen, zoals SLO’s, RPO, RTO en kostenramingen, in plaats van algemene best practices te citeren.
Microsoft Learn is het vertrekpunt. De AZ-305-examenpagina op Microsoft Learn geeft de officiële examendoelen, de status van het examen, de skills measured en verwijzingen naar leerpaden. Omdat Microsoft examendoelen kan aanpassen, is het verstandig om de update-informatie op die pagina te controleren voordat het studieplan definitief wordt gemaakt.
De Microsoft Learn-leerpaden bieden structuur, maar de Azure-documentatie geeft de diepte die nodig is voor architectuurbeslissingen. Voor AZ-305 zijn vooral de documentatie over Microsoft Entra ID, Azure Policy, Azure networking, Azure Storage, Azure SQL, backup, disaster recovery, monitoring en governance relevant. De kandidaat moet niet proberen elke pagina te onthouden; het doel is begrijpen welke ontwerpprincipes terugkomen bij verschillende workloads.
Het Azure Architecture Center is minstens zo belangrijk. Referentiearchitecturen laten zien hoe services in samenhang worden gebruikt, bijvoorbeeld voor hub-spoke networking, landing zones, enterprise-scale governance, high availability en secure baseline-ontwerpen. Dit materiaal helpt bij het vertalen van losse services naar complete oplossingen, precies het niveau waarop AZ-305 vragen stelt.
Het Microsoft Azure Well-Architected Framework vormt de taal waarmee veel ontwerpkeuzes kunnen worden beoordeeld. Een storagekeuze is bijvoorbeeld niet alleen een datavraag, maar raakt ook reliability, security, operational excellence, performance efficiency en cost optimization. In scenario’s moet een kandidaat vaak kiezen tussen acceptabele opties; het framework helpt om die trade-offs systematisch te beoordelen.
GitHub-labs en Microsoft Learn-sandboxes zijn nuttig om ontwerpen tastbaar te maken. Sandboxes zijn handig voor korte oefeningen zonder eigen abonnement, terwijl een eigen Azure-abonnement meer vrijheid geeft voor integratie, monitoring, policy, Cost Management en IaC. Daarbij horen wel praktische afspraken: controleer quota, kies regio’s waarin de benodigde services beschikbaar zijn, gebruik budget alerts en ruim resources na elk lab op.
De juiste leerroute hangt af van voorkennis, beschikbare tijd en de reden om AZ-305 te behalen. Een ervaren AZ-104-profiel met recente praktijkervaring kan vaak starten met Microsoft Learn, labs en het Azure Architecture Center. Die route werkt vooral wanneer er genoeg tijd is om elk domein rustig te oefenen en eigen ontwerpnotities bij te houden.
Een begeleide cursus is zinvoller wanneer de ervaring ongelijk verdeeld is. Veel cloudprofessionals kennen bijvoorbeeld compute en networking goed, maar hebben minder diepte in governance, dataontwerp of business continuity. Een gestructureerde AZ-305 training kan dan helpen om blinde vlekken sneller zichtbaar te maken, mits de voorbereiding ook hands-on labs en scenarioanalyse bevat.
Een versneld bootcamp past vooral bij kandidaten met een harde deadline, een rolwissel naar architectuur of een teamplanning waarin certificering op korte termijn nodig is. Dat werkt alleen goed wanneer de basis al aanwezig is; een bootcamp kan het architectuurdenken versnellen, maar vervangt geen ervaring met Azure-beheer. Wie de basis eerst wil opfrissen, kan beter beginnen met Azure fundamentals of de beheerdersvaardigheden uit AZ-104 voordat AZ-305 centraal komt te staan.
Readynez kan in dit beslismoment relevant zijn voor kandidaten die begeleiding willen combineren met examengerichte labs, maar de kern blijft hetzelfde: de gekozen route moet leiden tot betere ontwerpbeslissingen, niet alleen tot meer gelezen materiaal. Wie breder wil vergelijken, kan ook het Microsoft-trainingsaanbod bekijken of nagaan of een intensiever Microsoft-leertraject past bij de beschikbare tijd.
Een goed schema verdeelt de voorbereiding over examendomeinen en bouwt elke week iets tastbaars op. Het doel is niet om na zes weken elk detail van Azure te kennen, maar om scenario’s betrouwbaar te kunnen analyseren, ontwerpkeuzes te documenteren en zwakke punten vroeg te vinden. Kandidaten met minder recente Azure-ervaring moeten extra tijd inplannen voor AZ-104-herhaling.
| Week | Focus | Praktische opdracht | Reviewmoment |
|---|---|---|---|
| 1 | Examengids, skills measured, basisarchitectuur en Well-Architected | Maak een mapping tussen examendomeinen en Well-Architected-pijlers voor een voorbeeldworkload. | Controleer welke domeinen zwak zijn en plan extra tijd voor die onderwerpen. |
| 2 | Identiteit, governance en landing zones | Ontwerp een tenant- en subscriptionmodel met Microsoft Entra ID, management groups, Azure Policy en RBAC. | Leg elke keuze vast in een kort design-decision log. |
| 3 | Dataopslag en dataplatformen | Vergelijk Azure SQL, Cosmos DB, Storage Accounts en backupmogelijkheden voor een applicatie met compliance-eisen. | Onderbouw keuzes met beschikbaarheid, herstelbaarheid en kostenimpact. |
| 4 | Business continuity, disaster recovery en monitoring | Ontwerp een BCDR-plan met expliciete RPO- en RTO-doelen, failoverkeuzes en observability. | Controleer of de gekozen services de vereiste hersteldoelen realistisch ondersteunen. |
| 5 | Infrastructuur, networking en security | Bouw een kleine hub-spoke-omgeving met IaC, bijvoorbeeld Bicep of Terraform, inclusief private connectivity waar passend. | Gebruik Azure Advisor, Cost Management en monitoring om verbeterpunten te vinden. |
| 6 | Case-studies, oefenexamens en ontwerpverdediging | Werk scenario’s onder tijdsdruk uit en schrijf per vraag waarom de gekozen optie beter past dan de afleiders. | Herhaal alleen de zwakke domeinen en controleer opnieuw de actuele examengids. |
Dit schema werkt het best wanneer elke week eindigt met een korte architectuurreview. Een design-decision log hoeft niet lang te zijn: noteer de requirement, de gekozen service, de afgewezen alternatieven en de reden. Die gewoonte is waardevol voor het examen, omdat veel vragen draaien om “beste ontwerpkeuze”-scenario’s waarin meerdere antwoorden technisch mogelijk zijn.
IaC hoort expliciet in de voorbereiding thuis. Kandidaten die alleen via de Azure Portal oefenen, missen vaak inzicht in herhaalbaarheid, naming, dependencies, policy-effecten en change control. Zelfs een kleine Bicep- of Terraform-deployment leert meer over ontwerpconsistentie dan een reeks losse portalconfiguraties.
AZ-305-vragen zijn zelden puur technisch. Een identity-ontwerp kan tegelijk security, governance en operational excellence raken. Een dataopslagkeuze kan reliability verbeteren, maar kosten verhogen. Een business-continuityontwerp kan de gewenste RTO halen, maar operationeel te complex worden voor het team dat het moet beheren.
Bij identiteit en governance draait het vaak om de balans tussen centrale controle en teamautonomie. Azure Policy, management groups en RBAC kunnen standaardisatie afdwingen, maar te veel beperkingen kunnen delivery vertragen. Een goede oplossing beschermt kritieke randvoorwaarden, zoals regio’s, tagging, logging en netwerkregels, zonder elke workload hetzelfde te behandelen.
Bij dataopslag ligt de valkuil in het kiezen van de bekendste service in plaats van de best passende. Azure SQL kan sterk zijn voor relationele workloads, Cosmos DB voor wereldwijde lage latency en Storage Accounts voor objectdata of archieven. De examenvraag geeft meestal hints over consistentie, querypatronen, latency, groei, compliance en hersteldoelen; die moeten zwaarder wegen dan voorkeuren uit eerdere projecten.
Bij BCDR is een expliciete berekening nodig. Een kandidaat moet verschil maken tussen backup, high availability, disaster recovery en geo-replicatie. Een workload met strakke RPO- en RTO-eisen vraagt een ander ontwerp dan een interne applicatie die langere downtime kan accepteren. Wie die hersteldoelen niet uit de casus haalt, kiest snel een dure of onvoldoende betrouwbare oplossing.
AZ-305 bevat veel scenario’s waarin informatie verspreid staat over bedrijfsvereisten, technische beperkingen en bestaande omgeving. De beste aanpak is eerst de harde vereisten markeren: identiteit, data, BCDR, compliance, netwerkconnectiviteit, kosten en operationele beperkingen. Daarna kunnen details die geen invloed hebben op de beslissing worden genegeerd.
Bij “beste ontwerpkeuze”-vragen is het nuttig om afleiders actief te elimineren. Sommige antwoorden zijn technisch correct, maar voldoen niet aan een requirement zoals minimale downtime, private connectivity, centraal beheer of kostenbeperking. Andere antwoorden lossen het hoofdprobleem op, maar introduceren beheercomplexiteit die niet bij de casus past.
Tijdsdruk vraagt discipline. Kandidaten doen er goed aan om lange case-studies niet als leesopdracht te behandelen, maar als ontwerpbriefing. Eerst zoeken naar constraints, dan opties beoordelen, vervolgens de trade-off kiezen die het meest direct bij de gevraagde uitkomst past. Oefenexamens zijn waardevol wanneer ze deze redeneerwijze trainen; ze zijn minder waardevol wanneer ze alleen herkenning van vraagformuleringen aanleren.
Een terugkerende fout is dat kandidaten labs uitvoeren zonder ontwerpcontext. Het configureren van een virtual network peering is nuttig, maar voor AZ-305 moet duidelijk zijn waarom peering, private endpoints, VPN, ExpressRoute of hub-spoke routing in een bepaald scenario logisch is. Elk lab moet eindigen met de vraag welke requirement de configuratie oplost.
Een tweede fout is het overslaan van kostenanalyse. Architecten ontwerpen niet in een vacuüm; Azure Calculator, Azure Advisor en Cost Management horen bij de voorbereiding. Het examen vraagt niet om boekhoudkundige details, maar wel om kostenbewuste keuzes, bijvoorbeeld wanneer reserved capacity, autoscaling, lifecycle management of servicekeuze het ontwerp beïnvloedt.
Ook RPO en RTO worden vaak te vaag behandeld. “Hoge beschikbaarheid” is geen voldoende ontwerpcriterium. Een kandidaat moet kunnen uitleggen hoeveel dataverlies acceptabel is, hoe snel een workload terug moet zijn en welke Azure-services dat ondersteunen. Zonder die expliciete vertaling worden BCDR-vragen onnodig moeilijk.
Tot slot is er de verleiding om alleen theorie te herhalen in de laatste dagen. Beter is om scenario’s te oefenen waarin ontwerpbeslissingen worden verdedigd. Een kleine praktijkcase, bijvoorbeeld een webapp met klantdata, private databaseconnectiviteit, compliance-eisen en beperkte kostenruimte, levert meer examenrelevante inzichten op dan nog een passieve herhaling van losse servicebeschrijvingen.
Hands-on ervaring hoeft geen grote productieomgeving te zijn. Een klein lab kan al veel leren wanneer het end-to-end wordt opgezet: identity, networking, compute, opslag, monitoring, backup en kostencontrole. Belangrijk is dat het lab een scenario heeft, bijvoorbeeld een organisatie die een interne applicatie naar Azure migreert met beperkte downtime en strengere toegangscontrole.
Region availability en quota verdienen aandacht. Sommige services, VM-series of features zijn niet in elke regio beschikbaar of passen niet binnen standaardquota van een testabonnement. Dat is geen bijzaak; architecten moeten zulke beperkingen vroeg herkennen, omdat ze direct invloed hebben op ontwerpkeuzes, uitrolplanning en kosten.
Resources opruimen is eveneens onderdeel van professioneel oefenen. Gebruik resource groups per lab, stel budget alerts in en controleer na afloop of compute, disks, public IP’s en gateways zijn verwijderd. Deze gewoonte voorkomt onverwachte kosten en versterkt het operationele denken dat ook in architectuurrollen nodig is.
AZ-305 beloont kandidaten die Azure kunnen benaderen als samenhangend ontwerpplatform. De officiële Microsoft-bronnen geven de juiste basis, maar de vooruitgang ontstaat vooral door requirements te vertalen naar keuzes, alternatieven te vergelijken en de gevolgen voor reliability, security, performance en cost optimization expliciet te maken.
Een praktische volgende stap is het kiezen van één voorbereidingsroute en die consequent uit te voeren. Zelfstudie past bij ervaren profielen met voldoende tijd en discipline; begeleide training of een bootcamp kan passen wanneer structuur, tempo of rolverandering belangrijker is. Wie begeleiding zoekt, kan via Readynez verder kijken naar passende Microsoft-training, maar de doorslaggevende factor blijft de kwaliteit van het eigen ontwerpwerk: labs bouwen, scenario’s analyseren en keuzes kunnen verdedigen.
De kern van een sterke AZ-305-voorbereiding is eenvoudig: gebruik primaire bronnen, oefen met echte Azure-ontwerpen, documenteer trade-offs en toets elke keuze aan concrete requirements. Dat levert niet alleen een betere examenkans op, maar ook een manier van werken die direct bruikbaar is in Azure-architectuurprojecten.
Krijg onbeperkte toegang tot ALLE LIVE Microsoft-cursussen onder leiding van een instructeur die u wilt - allemaal voor de prijs van minder dan één cursus.
U bekijkt onze Netherlands (EUR) site van United States
Wilt u de site bekijken in
English
met prijzen in
Dollar?