AZ-104 vs praktijkervaring: verschillen voor Azure Administrators

  • Is Microsoft Certified Azure Administrator Associate moeilijk?
  • Published by: André Hamer on Feb 06, 2024
Group classes

AZ-104 is het examen voor Azure Administrators waarin dagelijkse beheertaken worden getoetst binnen een breder, geïntegreerd kader van identity, governance, compute, storage, netwerken en monitoring.

De moeilijkheid van Microsoft Azure Administrator Associate zit daardoor minder in één afzonderlijk onderwerp dan in de vraag of een kandidaat Azure als beheeromgeving end-to-end begrijpt. Wie alleen losse definities kent, loopt sneller vast dan iemand die kan uitleggen wat er gebeurt wanneer een gebruiker via Microsoft Entra ID toegang krijgt tot een virtuele machine, welke RBAC-rol daarbij past, hoe netwerktoegang wordt afgeschermd, hoe storage wordt beveiligd en hoe monitoring een incident zichtbaar maakt.

Laatst bijgewerkt: januari 2026. Microsoft past examendomeinen en productterminologie regelmatig aan; controleer daarom altijd de actuele AZ-104-examengids en de skills measured op Microsoft Learn voordat de voorbereiding start.

Wat AZ-104 eigenlijk toetst

AZ-104 hoort bij de Microsoft Azure Administrator Associate-certificering. De rol draait om het implementeren, beheren en onderhouden van Azure-omgevingen, meestal binnen organisaties waar bestaande infrastructuur, beveiligingseisen en operationele processen al aanwezig zijn.

Volgens de examendomeinen op Microsoft Learn ligt de kern van AZ-104 bij het beheren van identiteiten en governance, het implementeren en beheren van opslag, het implementeren en beheren van compute-resources, het configureren en beheren van virtuele netwerken, en het monitoren en onderhouden van Azure-resources. Die domeinen klinken overzichtelijk, maar in het examen worden ze vaak niet als nette afzonderlijke blokken ervaren. Een scenario over een applicatie kan bijvoorbeeld tegelijk vragen naar subnetten, netwerkbeveiliging, beheerde identiteiten, back-up, availability en logging.

Dat verklaart waarom kandidaten met enige Azure-ervaring het examen toch moeilijk kunnen vinden. Dagelijks beheer is soms smal: iemand maakt vooral VM's aan, beheert vooral accounts of kijkt vooral naar alerts. AZ-104 verwacht dat die beheerder de samenhang ziet tussen meerdere Azure-onderdelen en keuzes kan maken op basis van technische beperkingen, security en operationele impact.

Wanneer voelt AZ-104 moeilijk?

AZ-104 voelt vooral moeilijk wanneer ervaring fragmentarisch is. Een beheerder die de Azure Portal goed kent, kan nog steeds moeite hebben met scenario's waarin PowerShell, Azure CLI, ARM-templates of policy-gedreven beheer de logische route zijn. Het examen beloont niet alleen klikken door de interface, maar ook begrip van hoe beheer herhaalbaar, controleerbaar en schaalbaar wordt uitgevoerd.

Een tweede bron van moeilijkheid is terminologie die sneller verandert dan veel studiebronnen. Microsoft Entra ID heeft de plaats ingenomen van de oude Azure AD-benaming, terwijl onderwerpen zoals RBAC, Privileged Identity Management, Conditional Access en Azure Policy dicht bij elkaar liggen maar verschillende problemen oplossen. Kandidaten die deze begrippen als synoniemen behandelen, missen vaak de nuance in scenario-vragen.

In Belgische omgevingen komt daar vaak een hybride realiteit bij. Veel organisaties combineren on-premises Active Directory, VMware of bestaande netwerksegmentatie met Azure-abonnementen, landing zones en governance-eisen. In zo'n context is Azure-beheer niet alleen een cloudvaardigheid; het raakt connectiviteit, naamgeving, compliance, kostenbewaking en samenwerking met security- en netwerkcollega's.

Een typisch voorbeeld is een middelgrote Belgische organisatie die een interne applicatie naar Azure wil verplaatsen, maar voorlopig authenticatie via bestaande identiteiten behoudt. De Azure Administrator moet dan niet alleen een VM of App Service kunnen opzetten, maar ook nadenken over netwerkconnectiviteit, toegangsrollen, storagebeveiliging, back-up, alerts en kostenlimieten. Precies dat soort verwevenheid maakt AZ-104 realistischer, maar ook zwaarder dan een fundamentals-examen.

AZ-104 vs AZ-900: moeilijkheid in perspectief

AZ-900 en AZ-104 worden vaak met elkaar vergeleken, maar ze meten verschillende niveaus. AZ-900 is bedoeld om cloudconcepten, Azure-diensten, pricing, support en basisbeveiliging te begrijpen. AZ-104 vraagt dat een kandidaat beheertaken kan uitvoeren en gevolgen van configuratiekeuzes kan inschatten.

Wie nieuw is in cloud kan baat hebben bij een fundamentals-stap voordat AZ-104 aan bod komt. Wie al systeembeheer doet, hoeft AZ-900 niet altijd formeel af te leggen, maar moet de begrippen wel beheersen. Een nuttige vergelijking staat in AZ-900 of AZ-104 eerst?, vooral voor kandidaten die twijfelen of ze meteen naar de administratorcertificering kunnen doorstappen.

Het verschil is merkbaar in de vraagstelling. AZ-900 vraagt eerder of iemand een dienst herkent en het doel begrijpt. AZ-104 vraagt welke configuratie in een bepaalde omgeving werkt, welke optie niet voldoet aan een voorwaarde, of welke stap nodig is om een operationeel probleem op te lossen.

Hoe het examen de moeilijkheid beïnvloedt

Het AZ-104-examen kan verschillende vraagvormen bevatten, waaronder meerkeuzevragen, scenario-gebaseerde vragen en casestudy's. Kandidaten moeten rekening houden met tijdsdruk en met vragen waarin meerdere details relevant lijken, maar slechts enkele bepalend zijn voor het juiste antwoord. Microsoft publiceert de actuele examenvorm en vaardigheden via de officiële examengids; exacte aantallen of vaste vraagtypes kunnen wijzigen.

Scenario-items zijn vaak de grootste mentale belasting. Een kandidaat leest bijvoorbeeld een bedrijfscontext, bestaande configuratie, beperkingen en gewenste uitkomst. Daarna moet hij of zij bepalen of de oplossing past bij netwerkregels, identity-instellingen, resource locks, RBAC, storage redundancy of monitoringvereisten. De uitdaging is dan niet alleen kennis, maar ook filteren onder tijdsdruk.

Ook reviewgedrag speelt mee. Sommige examensecties kunnen anders werken dan gewone losse vragen, waardoor kandidaten niet altijd onbeperkt kunnen terugkeren naar eerdere onderdelen. Daarom is oefenen met examengerichte scenario's waardevol: het traint niet alleen inhoudelijke kennis, maar ook besluitvorming wanneer de klok loopt.

Wie na deze analyse een gestructureerde planning nodig heeft, kan een 30-dagen studieplan voor AZ-104 gebruiken als startpunt. Zo'n schema is vooral nuttig wanneer het tijdmanagement, labs en herhaling evenwichtig over de examendomeinen verdeelt.

Ben je klaar voor AZ-104?

Een kandidaat is meestal dichter bij examengereedheid wanneer hij of zij niet alleen weet waar een instelling staat, maar ook waarom die instelling gekozen wordt. Dat betekent dat een Azure-beheerder identity en governance kan koppelen aan operationele taken, storage kan beveiligen en beschikbaar maken, compute-resources kan beheren, virtuele netwerken kan ontwerpen binnen beperkingen en monitoring kan gebruiken om problemen te vinden.

Voor on-premises beheerders ligt de brug vaak bij identity en netwerken. Begrippen zoals subnetting, routing, DNS, VPN, directory services en toegangsbeheer zijn vertrouwd, maar moeten worden vertaald naar Azure Virtual Network, Network Security Groups, Microsoft Entra ID, RBAC en governance. De grootste vooruitgang komt meestal uit hands-on labs waarin bestaande beheerlogica wordt omgezet naar Azure-resources en automatisering.

Developers die AZ-104 overwegen hebben vaak voordeel bij compute, storage en deploymentbegrippen, maar moeten extra aandacht besteden aan operationeel beheer. Back-up, alerts, policy, kostenbewaking, rollen en netwerkisolatie zijn niet altijd dagelijkse ontwikkeltaken, terwijl ze voor de administratorrol centraal staan.

Support- en helpdeskmedewerkers hebben vaak ervaring met gebruikers, rechten en incidenten, maar moeten het technische bereik verbreden. Voor hen is AZ-104 haalbaar wanneer ze voldoende labtijd inbouwen en niet te snel van theorie naar proefexamens springen. Alleen vragen oefenen zonder echte configuraties te bouwen geeft vaak een misleidend gevoel van voorbereiding.

Een praktisch keuzekader is eenvoudig: wie zelfstandig een kleine Azure-omgeving kan opzetten met identity, netwerk, compute, storage, governance en monitoring, is klaar om examengericht te verfijnen. Wie vooral diensten herkent maar weinig zelf heeft geconfigureerd, heeft eerst meer labs nodig. Wie nog niet begrijpt hoe Azure-abonnementen, resource groups, RBAC en netwerksegmentatie samenhangen, moet de basis verstevigen voordat AZ-104 efficiënt studeerbaar wordt.

Veelgemaakte fouten tijdens de voorbereiding

De meeste voorbereiding mislukt niet door gebrek aan inzet, maar door een te smalle aanpak. Kandidaten besteden veel tijd aan onderwerpen die comfortabel voelen en schuiven governance, automatisering of monitoring vooruit omdat die minder tastbaar lijken dan VM's en netwerken.

  • Alleen via de Azure Portal studeren en te weinig oefenen met Azure CLI of PowerShell.
  • Te weinig hands-on labs bouwen, waardoor scenario-vragen abstract blijven.
  • RBAC, Azure Policy, PIM en Conditional Access door elkaar halen.
  • Monitoring, alerts, back-up en herstel pas op het einde bekijken.
  • De examendomeinen ongelijk bestuderen en sterke onderdelen blijven herhalen.

Een betere aanpak is rol-gedreven. On-premises beheerders beginnen best bij identiteit, governance en netwerken, en bouwen daarna compute- en storage-labs uit. Developers kunnen sneller door compute en storage gaan, maar moeten expliciet oefenen met beheer, bewaking en toegangsmodellen. Supportprofielen hebben baat bij korte, herhaalde labs waarin ze telkens één operationeel probleem oplossen, zoals toegang herstellen, een alert onderzoeken of een netwerkregel corrigeren.

In een begeleide voorbereiding kan een AZ-104 cursus met examenvoorbereiding helpen om labs, examendomeinen en scenario-oefening bij elkaar te brengen. Readynez behandelt AZ-104 als een administratorrol, niet als een verzameling losse Azure-features, waardoor de voorbereiding beter aansluit bij de manier waarop beheertaken in het examen worden gecombineerd.

Welke kennisgebieden verdienen extra aandacht?

Identity en governance zijn vaak doorslaggevend omdat ze in bijna elk beheeronderwerp terugkeren. Een VM, storage account of netwerkresource staat zelden op zichzelf; er zijn rollen, policies, locks, tags, beheergroepen en complianceverwachtingen aan gekoppeld. Kandidaten moeten daarom goed begrijpen wie wat mag doen, op welk niveau rechten worden toegekend en hoe beleid afwijkingen voorkomt of signaleert.

Netwerken vormen een tweede moeilijk gebied, vooral voor kandidaten zonder infrastructuurachtergrond. Subnetten, routing, private endpoints, Network Security Groups, Azure Bastion, VPN en DNS worden vaak gecombineerd in scenario's waarin één verkeerd detail de oplossing ongeschikt maakt. Belgische organisaties met hybride architecturen maken dit extra herkenbaar, omdat connectiviteit tussen datacenter, kantoorlocaties en Azure vaak een randvoorwaarde is.

Storage en compute lijken toegankelijker, maar bevatten veel beslissingspunten. Kandidaten moeten bijvoorbeeld het verschil begrijpen tussen redundantieopties, toegangssleutels, shared access signatures, managed disks, availability-opties en schaalbaarheid. Bij compute gaat het niet alleen om een VM aanmaken, maar ook om images, extensions, updates, back-up, beheeridentiteiten en monitoring.

Monitoring en onderhoud worden onderschat omdat ze minder spectaculair zijn dan deployment. Toch vraagt de administratorrol dat problemen zichtbaar worden voordat gebruikers escaleren. Azure Monitor, alerts, Log Analytics, metrics, activity logs en backupstatussen zijn daarom geen bijzaak, maar onderdeel van betrouwbaar beheer.

Een realistische voorbereiding

Een realistische voorbereiding begint met de officiële skills measured en een nulmeting per domein. Wie elk domein een score geeft op basis van uitgevoerde taken in plaats van gelezen theorie, krijgt een eerlijker beeld. De vraag is niet: “Heb ik dit onderwerp gezien?”, maar: “Kan ik dit configureren, uitleggen en corrigeren wanneer een scenario verandert?”

Daarna hoort labwerk centraal te staan. Een nuttige labomgeving bevat minstens gebruikers en groepen in Microsoft Entra ID, RBAC op verschillende scopes, een virtueel netwerk met subnetten, een VM of applicatiecomponent, een storage account, basismonitoring en enkele governance-instellingen. Door dezelfde omgeving meerdere keren aan te passen, ontstaat begrip voor afhankelijkheden.

Automatisering hoeft niet het volledige studiepad te domineren, maar mag ook niet ontbreken. Wie een taak eerst in de Portal uitvoert en daarna via PowerShell of Azure CLI herhaalt, leert sneller welke parameters en afhankelijkheden belangrijk zijn. Dat helpt bij examenvragen waarin een configuratie niet visueel wordt getoond, maar tekstueel wordt beschreven.

Voor kandidaten die na AZ-104 verder willen groeien binnen Microsoft-cloudrollen, kan Unlimited Microsoft Training relevant zijn als doorlopend leerpad. Ook andere Microsoft-trainingen kunnen nuttig zijn wanneer de volgende stap richting security, architecture, endpoint management of DevOps gaat.

Veelgestelde vragen

Is het moeilijk om Microsoft Certified Azure Administrator te worden?

Het is moeilijk wanneer een kandidaat weinig praktische Azure-ervaring heeft of alleen losse theorie studeert. Het wordt aanzienlijk beter beheersbaar wanneer iemand de belangrijkste beheertaken zelf heeft uitgevoerd en begrijpt hoe identity, governance, netwerken, compute, storage en monitoring elkaar beïnvloeden.

Is AZ-104 moeilijker dan AZ-900?

Ja, in de praktijk is AZ-104 duidelijk zwaarder omdat het een beheerrol toetst. AZ-900 gaat over basisbegrip van cloud en Azure, terwijl AZ-104 vraagt om configuratiekeuzes, operationeel inzicht en scenario-denken.

Moet iemand eerst AZ-900 doen voor AZ-104?

Dat hangt af van de achtergrond. Kandidaten zonder cloudbasis hebben vaak baat bij AZ-900 of vergelijkbare fundamentals-studie. Ervaren systeembeheerders kunnen soms rechtstreeks naar AZ-104, op voorwaarde dat ze Azure-specifieke begrippen en hands-on beheer voldoende oefenen.

Welke onderwerpen maken AZ-104 het meest uitdagend?

Identity en governance, virtuele netwerken, monitoring en scenario's met meerdere randvoorwaarden veroorzaken vaak de meeste moeilijkheden. Ook verwarring tussen RBAC, Azure Policy, PIM en Conditional Access kan voor fouten zorgen.

Zijn labs noodzakelijk voor AZ-104?

Labs zijn sterk aan te raden. Het examen toetst niet alleen herkenning van begrippen, maar ook praktische keuzes. Kandidaten die resources zelf bouwen, beveiligen, monitoren en herstellen, begrijpen scenario-vragen meestal beter.

De juiste inschatting maken

AZ-104 is geen onmogelijke certificering, maar het is ook geen eenvoudige kennistoets. De moeilijkheid hangt af van de mate waarin iemand Azure als beheerplatform kan gebruiken in realistische situaties, inclusief governance, hybride connectiviteit, beveiliging, kostenbewaking en operationele monitoring.

De meest effectieve volgende stap is een eerlijke vergelijking tussen de officiële examendomeinen en de taken die al zelfstandig uitgevoerd kunnen worden. Wie daarna gericht labt, zwakke domeinen eerst aanpakt en scenario's onder tijdsdruk oefent, maakt van AZ-104 een haalbaar maar serieus certificeringsproject. Wie vragen heeft over voorbereiding of cursuskeuze kan contact opnemen met Readynez voor advies over een passend traject.

A group of people discussing the latest Microsoft Azure news

Unlimited Microsoft Training

Krijg onbeperkte toegang tot ALLE LIVE Microsoft-cursussen onder leiding van een instructeur die u wilt - allemaal voor de prijs van minder dan één cursus. 

  • 60+ LIVE cursussen onder leiding van een instructeur
  • Geld-terug-garantie
  • Toegang tot 50+ doorgewinterde instructeurs
  • 50.000+ IT-professionals opgeleid

Basket

{{item.CourseTitle}}

Price: {{item.ItemPriceExVatFormatted}} {{item.Currency}}